Hoeveel vergoeding ontvangt een leerbedrijf?
Als erkend leerbedrijf ontvang je via de Subsidieregeling Praktijkleren (SPL) een jaarlijkse vergoeding voor het begeleiden van studenten in een leer-werktraject. Het maximale subsidiebedrag bedraagt 2.700 euro per gerealiseerde praktijkleerplaats per studiejaar. De exacte uitkering hangt af van het aantal weken begeleiding dat je hebt gerealiseerd ten opzichte van het maximaal haalbare aantal weken. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over de vergoeding, de aanvraagprocedure en de combinatiemogelijkheden met andere werkgeversvoordelen.
Welke subsidies en vergoedingen zijn beschikbaar voor leerbedrijven?
De belangrijkste vergoeding voor leerbedrijven is de Subsidieregeling Praktijkleren (SPL), uitgevoerd door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Daarnaast bestaan er aanvullende regelingen zoals het loonkostenvoordeel (LKV) en de no-riskpolis van het UWV, die je als werkgever kunt inzetten naast de SPL.
De SPL richt zich specifiek op werkgevers die een erkende praktijkleerplaats aanbieden binnen het mbo-bbl (Beroepsbegeleidende Leerweg), het hbo-duaal of het voortgezet speciaal onderwijs en praktijkonderwijs. Om in aanmerking te komen, moet je bedrijf een geldige SBB-erkenning hebben als leerbedrijf.
Naast de SPL zijn er sectorspecifieke regelingen. Zo kent de zorgsector het Stagefonds Zorg, dat zorgorganisaties ondersteunt bij het aanbieden van stageplekken. Voor bepaalde sectoren zijn ook SectorplanPlus-middelen beschikbaar, gericht op scholing en begeleiding van medewerkers. Welke regelingen op jouw organisatie van toepassing zijn, hangt af van de sector, het type opleiding en de doelgroep van de student.
Hoeveel bedraagt de subsidie praktijkleerplaats per student?
De maximale subsidie via de Subsidieregeling Praktijkleren bedraagt 2.700 euro per praktijkleerplaats per studiejaar. Dit maximumbedrag geldt wanneer je de student het volledige aantal vereiste weken hebt begeleid. Heb je minder weken begeleiding gerealiseerd, dan wordt het bedrag naar rato berekend.
De berekening werkt als volgt: het totale beschikbare budget voor de regeling wordt gedeeld door het totaal aantal gerealiseerde begeleidingsweken van alle aanvragende leerbedrijven samen. Dat betekent dat het uiteindelijke bedrag per week licht kan variëren per aanvraagronde, afhankelijk van het totale aantal ingediende aanvragen. In de praktijk ligt het uitgekeerde bedrag doorgaans dicht bij het maximum van 2.700 euro per volledig gerealiseerde praktijkleerplaats.
Voor hbo-duale trajecten en trajecten in het voortgezet speciaal onderwijs gelden vergelijkbare maximumbedragen. Het is verstandig om de actuele subsidieplafonds voor het studiejaar 2025-2026 te controleren via de website van RVO, omdat het beschikbare budget per aanvraagronde kan worden aangepast.
Wie komt in aanmerking voor de vergoeding als leerbedrijf?
Je komt in aanmerking voor de Subsidieregeling Praktijkleren als je voldoet aan drie basisvoorwaarden: je beschikt over een geldige SBB-erkenning als leerbedrijf, je begeleidt een student in een erkende bbl-opleiding of vergelijkbaar traject, en je hebt de begeleiding daadwerkelijk gerealiseerd in het betreffende studiejaar.
De SBB-erkenning (Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven) is een formele vereiste. Zonder deze erkenning kun je geen subsidie aanvragen, ongeacht hoeveel begeleiding je hebt geboden. De erkenning toont aan dat jouw organisatie voldoet aan de kwaliteitseisen voor het begeleiden van bbl-studenten.
Verder moet de student ingeschreven staan bij een erkende onderwijsinstelling en moet de praktijkovereenkomst (POK) correct zijn vastgelegd. Organisaties in zowel de profit- als non-profitsector kunnen aanvragen indienen, waaronder bedrijven in de zorg, logistiek, retail, kinderopvang en zakelijke dienstverlening. Er is geen minimale organisatieomvang vereist, maar je moet wel kunnen aantonen dat de begeleiding structureel en kwalitatief heeft plaatsgevonden.
Hoe vraag je de vergoeding aan als leerbedrijf?
Je vraagt de subsidie aan via het online portaal van RVO, na afloop van het studiejaar. Het aanvraagtijdvak loopt doorgaans van 2 juni tot en met 17 september. Aanvragen die buiten dit tijdvak worden ingediend, worden niet in behandeling genomen, dus tijdige indiening is belangrijk.
Voor het indienen van de aanvraag heb je eHerkenning nodig, het digitale authenticatiemiddel voor zakelijke gebruikers van overheidsdiensten. Zorg dat je eHerkenning op het juiste betrouwbaarheidsniveau beschikbaar is voordat het aanvraagtijdvak opent.
Tijdens de aanvraag geef je per student de volgende gegevens op:
- De naam en het BSN van de student
- De naam van de onderwijsinstelling en de gevolgde opleiding
- Het aantal gerealiseerde begeleidingsweken
- De begin- en einddatum van de praktijkovereenkomst
RVO beoordeelt de aanvraag en keert het subsidiebedrag uit nadat alle aanvragen zijn verwerkt. Bewaar de praktijkovereenkomsten, aanwezigheidsregistraties en begeleidingsverslagen zorgvuldig, want RVO kan om onderbouwende documentatie vragen.
Wat zijn veelgemaakte fouten bij het aanvragen van de leerbedrijf-vergoeding?
De meest voorkomende fout is het te laat indienen van de aanvraag. Het aanvraagtijdvak is strikt en aanvragen buiten de periode worden automatisch afgewezen. Zet de openingsdatum van het tijdvak elk jaar in je agenda om dit te voorkomen.
Andere veelgemaakte fouten zijn:
- Ontbrekende of verlopen SBB-erkenning: Controleer ruim voor het einde van het studiejaar of je erkenning nog geldig is.
- Onjuiste registratie van begeleidingsweken: Alleen weken waarin daadwerkelijk begeleiding heeft plaatsgevonden tellen mee. Weken waarin de student ziek was of niet aanwezig was, mag je niet meetellen.
- Ontbrekende praktijkovereenkomst: Zonder een getekende en correcte POK is de aanvraag niet geldig.
- Verkeerde eHerkenning: Zorg dat de persoon die de aanvraag indient gemachtigd is en beschikt over het juiste niveau van eHerkenning.
- Studenten die niet voldoen aan de doelgroepomschrijving: Niet elke stagiair of leerling valt onder de SPL. Controleer vooraf of het om een bbl-traject of een ander erkend traject gaat.
Een goede administratie gedurende het hele studiejaar voorkomt de meeste van deze problemen. Leg begeleidingsgesprekken, aanwezigheid en voortgang structureel vast.
Kan een leerbedrijf ook andere werkgeversvoordelen combineren met de subsidie?
Ja, de Subsidieregeling Praktijkleren is te combineren met andere werkgeversvoordelen. De SPL staat los van regelingen zoals het loonkostenvoordeel (LKV) en de no-riskpolis van het UWV. Als de student die je begeleidt ook in een doelgroep valt die recht geeft op een LKV, kun je beide voordelen naast elkaar benutten.
Het loonkostenvoordeel is een jaarlijkse tegemoetkoming voor werkgevers die mensen in dienst nemen uit specifieke doelgroepen, zoals mensen met een arbeidsbeperking of mensen die langdurig in de bijstand zaten. Als een bbl-student in zo’n doelgroep valt, kan het LKV van toepassing zijn naast de SPL-subsidie.
De no-riskpolis van het UWV is relevant wanneer een student of medewerker een verhoogd verzuimrisico heeft door een ziekte of arbeidsbeperking. Bij ziekte van deze persoon ontvangt de werkgever een Ziektewet-uitkering van het UWV, waardoor het financiële risico voor jou als werkgever lager is. Ook deze regeling staat los van de SPL en is dus combineerbaar.
Daarnaast biedt de zorgsector via het Stagefonds Zorg aanvullende financiering voor stageplekken, die je naast de SPL kunt aanvragen als je aan de voorwaarden voldoet. Het is altijd verstandig om per situatie te toetsen welke combinaties van regelingen van toepassing zijn, zodat je geen voordelen laat liggen.
Hoe wij helpen met de Subsidieregeling Praktijkleren
De Subsidieregeling Praktijkleren biedt leerbedrijven een waardevolle vergoeding, maar de aanvraag vraagt om een nauwkeurige administratie en tijdige actie. Wij ondersteunen organisaties bij het volledig en foutloos benutten van dit soort werkgeversvoordelen, inclusief de SPL.
Wat wij voor je doen:
- Automatisch signaleren welke medewerkers en trajecten in aanmerking komen voor de SPL en aanverwante regelingen
- Controleren of de benodigde gegevens in je HR- en salarisadministratie correct en volledig zijn vastgelegd
- Combinatiemogelijkheden in kaart brengen, zoals het LKV en de no-riskpolis, zodat je geen voordelen misloopt
- Tijdig attenderen op aanvraagtijdvakken en deadlines, zodat je nooit een aanvraagperiode mist
- Integreren met systemen zoals AFAS, Visma-Raet en andere HR-pakketten voor een naadloze gegevensstroom
Wil je weten welke werkgeversvoordelen jouw organisatie nu al laat liggen? Bekijk onze opleidingsregelingen of neem contact met ons op voor een vrijblijvend gesprek.