Is er een subsidieregeling voor praktijkleren in de derde leerweg?
Er is geen subsidieregeling voor praktijkleren die specifiek gericht is op de derde leerweg. De Subsidieregeling Praktijkleren (SPL) van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) geldt uitsluitend voor erkende leerwerktrajecten in de beroepsbegeleidende leerweg (BBL) en voor bepaalde hbo-trajecten. Werkgevers die leerlingen begeleiden via de derde leerweg komen daarvoor niet in aanmerking. Toch zijn er aanverwante regelingen die wél van toepassing kunnen zijn. Dit artikel beantwoordt de meest gestelde vragen over subsidie, de derde leerweg en alternatieve werkgeversvoordelen.
Welke subsidies zijn er beschikbaar voor werkgevers die praktijkleren aanbieden?
De belangrijkste subsidie voor werkgevers die praktijkleren aanbieden is de Subsidieregeling Praktijkleren (SPL). Deze regeling vergoedt een deel van de kosten voor begeleiding van leerlingen en studenten tijdens hun beroepspraktijkvorming. De maximale vergoeding bedraagt 2.700 euro per gerealiseerde praktijkleerplaats per studiejaar. De regeling geldt voor BBL-trajecten in het mbo, voor hbo-studenten in een duale of deeltijdopleiding, en voor promovendi en technologisch ontwerpers in opleiding.
Om in aanmerking te komen voor de SPL moet je als werkgever aan een aantal voorwaarden voldoen. Je hebt minimaal nodig:
- Een geldige SBB-erkenning (Samenwerking Beroepsonderwijs Bedrijfsleven)
- Een getekende praktijkovereenkomst (POK) of leerarbeidsovereenkomst (LAO)
- Een aanwezigheidsregistratie van de student bij de beroepspraktijkvorming
- Een urenoverzicht of begeleidingsregistratie per leerling
- eHerkenning niveau 2+ voor toegang tot het RVO e-loket
De aanvraag loopt via het RVO e-loket en moet worden ingediend in de aanvraagperiode die volgt op het studiejaar. Relevante documenten bewaar je vervolgens vijf jaar na het aanvraagjaar. Het is belangrijk om de registratie gedurende het hele jaar nauwkeurig bij te houden, want onvolledige dossiers zijn een veelvoorkomende reden voor afwijzing of korting op de subsidie.
Wat is de derde leerweg en hoe verschilt die van BBL en BOL?
De derde leerweg is een flexibele opleidingsvorm binnen het mbo die speciaal is bedoeld voor werkenden en mensen met relevante werkervaring. Anders dan de BBL (beroepsbegeleidende leerweg) en de BOL (beroepsopleidende leerweg) kent de derde leerweg geen vaste urennorm voor begeleiding en is de inrichting van het traject maatwerk per student.
De drie leerwegen onderscheiden zich op de volgende punten:
- BOL: Schoolse leerweg waarbij de student minimaal 60% van de studietijd op school doorbrengt. Stage is aanvullend, niet de kern van de opleiding.
- BBL: Leer-werktraject waarbij de student minimaal 60% van de tijd bij een erkend leerbedrijf werkt. De werkgever begeleidt de student intensief en ontvangt daarvoor de SPL.
- Derde leerweg: Flexibele route voor werkenden of zij-instromers. De student combineert werk en leren op een manier die aansluit bij de bestaande werksituatie. Er is geen vaste verhouding tussen school en werk voorgeschreven.
Omdat de derde leerweg geen gestandaardiseerde begeleidingsstructuur heeft en niet valt onder de erkende BBL-systematiek, voldoet een werkgever die een student via deze route begeleidt niet aan de formele criteria van de Subsidieregeling Praktijkleren.
Heeft een werkgever recht op subsidie praktijkleren bij de derde leerweg?
Nee, een werkgever heeft geen recht op de Subsidieregeling Praktijkleren bij de derde leerweg. De SPL is uitdrukkelijk gekoppeld aan erkende BBL-trajecten en specifieke hbo-varianten. De derde leerweg valt buiten deze definitie, waardoor de formele subsidieaanvraag via RVO niet mogelijk is voor dit type traject.
Dit heeft een praktische reden. De SPL vergoedt de kosten voor begeleiding van leerlingen in een erkend leerbedrijf, met een gestandaardiseerde praktijkovereenkomst en een vastgelegde begeleidingsstructuur. Bij de derde leerweg ontbreekt die gestandaardiseerde structuur. De SBB-erkenning die je als werkgever nodig hebt voor de SPL, is bovendien gekoppeld aan BBL-trajecten en niet aan de flexibele derde leerweg.
Het is ook nuttig om te weten dat de SPL volledig losstaat van het inmiddels afgeschafte STAP-budget, dat per 1 januari 2024 definitief is beëindigd na uitputting van het budget en uitvoeringsproblemen. Werkgevers die eerder dachten via STAP aanvullende vergoedingen te ontvangen, kunnen daar niet meer op rekenen.
Welke alternatieve regelingen gelden wel voor de derde leerweg?
Hoewel de Subsidieregeling Praktijkleren niet van toepassing is op de derde leerweg, zijn er andere werkgeversvoordelen die wél kunnen gelden, afhankelijk van de achtergrond van de medewerker of leerling die je begeleidt.
Loonkostenvoordeel (LKV)
Het loonkostenvoordeel is een financiële tegemoetkoming voor werkgevers die mensen in dienst nemen uit specifieke doelgroepen. De bedragen en looptijden variëren per categorie:
- Doelgroep banenafspraak: maximaal 3.600 euro per jaar gedurende maximaal drie jaar
- Arbeidsgehandicapte werknemer: maximaal 6.000 euro per jaar gedurende maximaal drie jaar
- Herplaatsing arbeidsgehandicapte werknemer: maximaal 6.000 euro per jaar gedurende maximaal één jaar
Let op: het LKV voor oudere werknemers (56+) vervalt per 2026. Voor arbeidsgehandicapte werknemers en banenafspraak-deelnemers blijft de regeling van kracht.
No-riskpolis
De no-riskpolis van het UWV is een relevante regeling voor werkgevers die mensen met een ziekte of arbeidsbeperking begeleiden, ook in een leer-werktraject via de derde leerweg. Wanneer zo iemand ziek wordt, ontvangt de werkgever een Ziektewet-uitkering van het UWV en betaalt de werkgever geen hogere premie. Dit verlaagt het financiële risico van het in dienst nemen van mensen met een verhoogd verzuimrisico aanzienlijk.
De no-riskpolis is combineerbaar met het loonkostenvoordeel. Samen verlagen deze twee regelingen de financiële drempels voor werkgevers om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in dienst te nemen en te houden, ook als het gaat om trajecten buiten de reguliere BBL-structuur.
Hoe kunnen werkgevers werkgeversvoordelen rondom leer-werktrajecten optimaal benutten?
Werkgevers laten werkgeversvoordelen rondom leer-werktrajecten het vaakst liggen door onvolledige registratie, gemiste aanvraagtermijnen of onbekendheid met combinatiemogelijkheden. Wie de beschikbare regelingen structureel wil benutten, doet er goed aan om de administratie rondom begeleiding, aanwezigheid en doelgroepkenmerken van medewerkers proactief op orde te houden.
Concrete stappen die je als werkgever kunt zetten:
- Controleer bij indiensttreding of een medewerker in het doelgroepregister staat of recht heeft op de no-riskpolis
- Zorg dat begeleidingsregistraties en urenoverzichten gedurende het hele jaar actueel zijn, niet alleen bij de aanvraag
- Combineer regelingen waar dat mogelijk is: LKV en no-riskpolis versterken elkaar
- Houd aanvraagtermijnen bij, want de SPL kent een vaste indieningsperiode na afloop van het studiejaar
- Bewaar alle relevante documenten minimaal vijf jaar na het aanvraagjaar
Voor organisaties met meer dan 250 medewerkers wordt het handmatig bijhouden van al deze gegevens snel complex en foutgevoelig, zeker als je meerdere leer-werktrajecten tegelijk begeleidt.
Hoe wij helpen met werkgeversvoordelen rondom praktijkleren
Wij ondersteunen organisaties bij het structureel en foutloos realiseren van werkgeversvoordelen, waaronder de Subsidieregeling Praktijkleren, het loonkostenvoordeel en de no-riskpolis. Ons platform voor werkgeversvoordelen en subsidies koppelt direct aan HR-systemen zoals AFAS, Visma-Raet en NMBRS en aan overheidsregisters, zodat je altijd actuele en betrouwbare gegevens hebt als basis voor je aanvragen. Wat wij concreet voor je doen:
- Automatisch signaleren welke medewerkers in aanmerking komen voor LKV of de no-riskpolis
- Bewaken van aanvraagtermijnen en documentatieverplichtingen rondom de SPL
- Controleren van registraties en begeleidingsdossiers op volledigheid en correctheid
- Combineren van meerdere regelingen om het maximale werkgeversvoordeel te realiseren
- Borgen van compliance met wet- en regelgeving, inclusief wijzigingen zoals het vervallen van het LKV voor oudere werknemers per 2026
Wil je weten welke werkgeversvoordelen jouw organisatie nu laat liggen? Neem contact met ons op voor een vrijblijvend gesprek.